Ooit het absolute wereldtoneel waar Van Barneveld geschiedenis schreef, nu geschiedenis: hoe de BDO haar eigen ondergang tegemoet ging

dinsdag, 13 oktober 2026 (08:11) - DartsNieuws.com

In dit artikel:

De British Darts Organisation (BDO) werd op 7 januari 1973 opgericht door Olly Croft. De organisatie wilde het Britse darts professionaliseren en regionale competities beter organiseren. Ze groeide uit tot een bond met 66 aangesloten counties en richtte zich op spelers van alle niveaus, van jeugd en amateurs tot de internationale top. De BDO hielp ook de standaardafmetingen van het dartbord en de werpafstand vastleggen en was in 1976 een van de oprichters van de World Darts Federation (WDF).

Dankzij de groeiende belangstelling van BBC en ITV kreeg darts in de jaren zeventig een groot televisiepubliek. In 1978 organiseerde de BDO het eerste World Professional Darts Championship. Leighton Rees werd in Nottingham de eerste wereldkampioen. Het toernooi verhuisde later naar Stoke-on-Trent en streek in 1986 neer in de Lakeside Country Club in Frimley Green. Daar bleef het ruim dertig jaar. Het door Embassy gesponsorde evenement, later bekend als het Lakeside World Professional Darts Championship, werd het belangrijkste uithangbord van de BDO.

Lakeside bracht generaties topdarters voort. Eric Bristow, John Lowe en Jocky Wilson waren grote sterren in de jaren zeventig en tachtig. Ook Phil Taylor won er zijn eerste twee wereldtitels, voordat hij bij de PDC uitgroeide tot recordhouder met nog veertien wereldkampioenschappen. De BDO organiseerde daarnaast de World Masters en bood spelers een belangrijk podium om zich te ontwikkelen. Het wereldkampioenschap gold ondanks de formele WDF-structuur lange tijd als het enige echte WK van de sport.

De positie van de BDO werd kwetsbaar toen darts aan het einde van de jaren tachtig grotendeels van de Britse televisie verdween. Minder zendtijd betekende minder sponsorgeld en minder mogelijkheden voor spelers om professioneel van darts te leven. Veel topspelers vonden bovendien dat de BDO te weinig nieuwe toernooien organiseerde en onvoldoende inspeelde op hun commerciële en financiële belangen.

Dat ongenoegen leidde in januari 1992 tot de oprichting van de World Darts Council (WDC) door zestien prominente spelers. Zij wilden zelf evenementen organiseren met meer televisieaandacht en betere financiële voorwaarden. De BDO sloot de rebellerende spelers uit, waarna vanaf 1994 twee afzonderlijke wereldkampioenschappen ontstonden. De WDC werd later omgedoopt tot de Professional Darts Corporation (PDC). De juridische strijd eindigde ermee dat spelers vrij waren om voor een van beide organisaties te kiezen.

De PDC investeerde vervolgens fors in een professioneel circuit, nieuwe televisiedeals en hogere prijzengelden. Daardoor verloor de BDO steeds meer terrein en topspelers. Raymond van Barneveld, die vier BDO-wereldtitels won en het darts in Nederland populair maakte, stapte in 2006 over. Een jaar later volgden onder anderen Michael van Gerwen, Jelle Klaasen en Vincent van der Voort. Ook Gary Anderson, Mark Webster, Simon Whitlock, Robert Thornton, Stephen Bunting en Glen Durrant verlieten de BDO op verschillende momenten. De organisatie bleef talent ontwikkelen, maar kon dat talent vaak niet aan zich binden.

Binnen de BDO groeide intussen de kritiek op het beleid van Croft. Tijdens een algemene vergadering in 2011 verloren vrijwel alle zittende bestuurders hun positie, onder wie Croft. Zijn vertrek betekende het einde van een tijdperk, maar bracht geen structurele ommekeer. De organisatie bleef kampen met een gebrek aan commerciële groei, inkomsten en televisieaandacht.

In 2016 beëindigde de BBC na 38 jaar haar samenwerking met het BDO-wereldkampioenschap. De omroep koos voor de Champions League of Darts van de PDC. Channel 4, BT Sport, Quest en Eurosport namen daarna delen van de uitzendingen over, maar geen van die zenders bood de brede zichtbaarheid van de BBC. De PDC groeide ondertussen verder uit tot het commerciële centrum van het professionele darts.

2019 werd een rampjaar. Tijdens de World Masters ontstond grote verwarring over de kwalificatie, registratie en loting. De WDF verlaagde de BDO daarop tot geassocieerd lid en besloot BDO-toernooien niet langer te erkennen. Tegelijkertijd vond de BDO geen sponsor voor het WK van 2020 en bleef de kaartverkoop achter. Het toernooi verhuisde na 33 jaar van Lakeside naar de Indigo-zaal in het Londense O2-complex, maar die nieuwe locatie kon de problemen niet oplossen.

Het WK van 2020 werd daardoor het laatste BDO-wereldkampioenschap. Voorzitter Des Jacklin maakte vlak voor de start bekend dat het prijzengeld fors werd verlaagd. Wayne Warren versloeg Jim Williams in de finale en werd de laatste mannelijke BDO-wereldkampioen, maar ontving slechts 23.000 pond. Dat was ongeveer 77 procent minder dan de winnaar een jaar eerder kreeg; PDC-kampioen Peter Wright verdiende in hetzelfde jaar 500.000 pond. Fallon Sherrock trok zich uit het vrouwentoernooi terug uit protest tegen de financiële situatie.

Jacklin kondigde in maart 2020 zijn vertrek aan, keerde korte tijd later terug, maar kon de financiële neergang niet stoppen. In september 2020 ging de BDO in liquidatie, na 47 jaar. De UKDA nam een deel van de countystructuur over en de WDF zette de internationale competitie voort, maar de BDO zelf verdween.

Ondanks haar ondergang blijft de nalatenschap groot. De organisatie bracht het eerste professionele wereldkampioenschap tot stand, maakte darts groot op televisie en bood spelers een route naar de top. De legendarische wedstrijden op Lakeside, zoals de finales van Phil Taylor tegen Mike Gregory in 1992, Raymond van Barneveld tegen Jelle Klaasen in 2006 en Martin Adams tegen Phil Nixon in 2007, behoren tot het collectieve geheugen van de sport. De geschiedenis van de BDO laat tegelijk zien dat traditie niet volstaat wanneer een organisatie niet meebeweegt met veranderende eisen rond televisie, commercie, prijzengeld en professionalisering.

BEKIJK OOK:

Vandaag Inside: Wilfred Genee gaat In de Wandelgangen verder in op podcast met Jaimie Vaes: 'Dan verbaast me dat'