ANALYSE: Gian van Veen is nummer twee van de wereld, maar speelt hij wel als een nummer twee?

zondag, 16 augustus 2026 (14:25) - DartsNieuws.com

In dit artikel:

Gian van Veen staat na de World Matchplay van 2026 op de tweede plaats van de PDC Order of Merit, zijn hoogste positie ooit. Die ranking weerspiegelt volgens de analyse echter niet zijn huidige vorm. De 24-jarige Nederlander bereikte in Blackpool de halve finales, maar verloor daarin met 17-10 van Gerwyn Price. Zijn prestaties waren vooral degelijk en veerkrachtig: in zijn drie gewonnen wedstrijden noteerde hij gemiddeldes tussen 91 en 96, terwijl hij tegen Price op 91,62 uitkwam.

Van Veen kende in 2026 een moeizaam seizoen nadat hij op 18 maart vanwege nierstenen in het ziekenhuis werd opgenomen en de Premier League-avond in Dublin moest missen. Tot dat moment had hij drie avondfinales gehaald en stond hij vierde, maar na zijn operatie zakte hij terug naar de zevende plaats. Door zijn herstel kon hij tijdelijk slechts een kwartier per dag trainen, tegenover de twee uur of meer die hij normaal besteedt aan zijn voorbereiding. Die beperking had volgens de analyse niet alleen fysieke, maar ook mentale gevolgen.

Tussen maart en mei zakte zijn gemiddelde naar 93,55. Zijn checkoutpercentage daalde van 46,88 procent in 2025 naar 38,76 procent en ook het aantal gegooide 180'ers nam af. Over heel 2026 staat hij op een gemiddelde van 95,25, goed voor slechts de veertiende plaats. In 2025 was hij met 97,98 nog een van de best presterende spelers ter wereld. Ook zijn winstpercentage liep sterk terug: van 72 procent in 2025 naar 58 procent in 2026. In de eerste acht maanden verloor hij al vijftig partijen, bijna evenveel als in het volledige voorgaande jaar.

Op de Pro Tour bleef een overtuigende herstelreeks uit. Bij Players Championship 24 haalde Van Veen voor het eerst dit seizoen de halve finales, maar hij verloor daar met een gemiddelde van 83,37. In het volgende toernooi werd hij met 78,40 al in de eerste ronde uitgeschakeld. In totaal verloor hij dit jaar acht keer in de eerste ronde van een Players Championship-toernooi en twaalf eerste rondes in alle rankingtoernooien. Ook spelers buiten de top 64, onder wie Rhys Griffin, Jim Long en Christopher Wickenden, wisten hem te verslaan. Op de Euro Tour liet hij incidenteel wel zijn klasse zien, met een finaleplaats en een gemiddelde van 107,50, maar constante resultaten ontbreken.

Zijn hoge ranking is bovendien sterk afhankelijk van prijzengeld uit 2025. Van de 1.002.750 pond die momenteel meetelt, verdiende hij 73,4 procent vorig jaar. In 2025 behaalde hij 736.000 pond, mede dankzij zijn WK-finale en winst op het European Championship. In de eerste acht maanden van 2026 kwam hij tot 166.250 pond. Alleen al het WK is goed voor 415.000 pond, 41,4 procent van zijn huidige rankingbedrag. Zonder zijn resultaten op het WK en het European Championship zou zijn meetellende prijzengeld nog slechts ongeveer 230.000 pond bedragen. Van Veen won in 2026 bovendien nog geen rankingtitel.

Daarom stelt de analyse dat hij, wanneer alleen naar het seizoen 2026 wordt gekeken, eerder rond de achtste plaats van de wereld zou staan. Vijf spelers worden als duidelijk beter presterend gezien. Wessel Nijman springt het meest in het oog met zes titels, een winstpercentage van 79 procent, een gemiddelde van 97,07 over de afgelopen zes maanden en 278.500 pond prijzengeld. Gerwyn Price won twee titels, bereikte de finale van de World Matchplay en heeft met een gemiddelde van 98,96 en een winstpercentage van 66 procent eveneens betere seizoenscijfers.

Ook Ross Smith presteert opvallend sterk. Hij won drie titels, heeft een gemiddelde van 95,59 en een checkoutpercentage van 43,23 procent. Luke Humphries staat op de Order of Merit slechts 2.250 pond achter Van Veen, maar won dit seizoen al drie rankingtitels, daarnaast een World Series-toernooi en haalde meerdere finales. Zijn gemiddelde over de afgelopen drie maanden bedraagt 102,29. De analyse benadrukt dat deze spelers niet per se boven Van Veen op de officiële wereldranglijst horen te staan: die ranglijst kijkt terecht naar prestaties over twee jaar. Wel toont zijn situatie aan dat grote resultaten op enkele majors zwaar kunnen wegen, terwijl constante prestaties gedurende een seizoen minder zichtbaar worden.

De halvefinaleplaats in Blackpool biedt Van Veen wel perspectief. Hij versloeg Krzysztof Ratajski, Nijman en James Wade en bereikte voor het eerst de laatste vier van de World Matchplay. In vergelijking met zijn WK-finale, waarin hij 99,94 gemiddeld gooide, bleef zijn niveau echter beperkt. Zijn resultaten laten zien dat hij op grote podia kan presteren, maar dat hij nog niet structureel het spel laat zien dat bij de huidige nummer twee van de wereld wordt verwacht.

BEKIJK OOK:

De Oranjezomer: Noa Vahle in discussie met Chris Woerts: 'Al die Eredivisie-fans hebben nu de tv uitgezet!'