"Als hij dit voor elkaar krijgt, is het een van zijn grootste prestaties" - Twijfels over historische missie van Luke Littler
In dit artikel:
Luke Littler staat onder grote druk om zich alsnog te plaatsen voor de Players Championship Finals in Minehead. De regerend wereldkampioen sloeg dit seizoen meerdere Players Championship-toernooien over en moet daardoor snel stijgen naar de top 64 van de ProTour Order of Merit. Alleen die spelers krijgen toegang tot het afsluitende rankingtoernooi van het vloerseizoen.
Voormalig profdarter Matthew Edgar acht die inhaalrace vrijwel onmogelijk. Littler won sinds zijn entree op de PDC Tour vier Players Championship-toernooien, terwijl hij de komende periode volgens Edgar ongeveer de helft van de resterende evenementen zou moeten winnen. Dat acht hij statistisch onwaarschijnlijk, al zou kwalificatie volgens hem een van Littlers grootste prestaties op de ProTour zijn.
Edgar wijst erop dat vloertoernooien wezenlijk verschillen van grote televisietoernooien. Littler presteert vooral goed op grote podia, in langere wedstrijden en voor veel publiek, terwijl Players Championship-wedstrijden in stille zalen en over kortere afstanden worden gespeeld.
De situatie legt volgens Edgar ook een breder probleem bloot. De Players Championship Finals zijn bedoeld als beloning voor spelers die het hele ProTour-seizoen sterk presteren, maar organisatoren, sponsors en omroepen willen juist de grootste namen zien. Edgar vindt daarom dat de kwalificatie-eisen niet voor Littler moeten worden aangepast: wie niet bij de beste 64 eindigt, hoort volgens hem niet op het toernooi thuis.
Tegelijk erkent hij dat een laat gekwalificeerde topspeler de loting kan verstoren. Een speler die het hele jaar hoog staat, kan in de eerste ronde meteen een laaggeplaatste ster als Littler, Michael van Gerwen of Nathan Aspinall treffen. Edgar begrijpt beide kanten, maar concludeert dat Minehead commercieel minder aantrekkelijk is zonder de grootste sterren, terwijl Littler zich wel gewoon moet kwalificeren.
De Oranjezomer: Theo Janssen ziet op tegen één ding bij Studio Sport: ‘Ik vind het altijd een beetje ongemakkelijk’